3.1.07

Winters voorlezen

Nu het wintert, haal ik Sneeuw op de vensterbank uit het rek.
(Dat had ik al veel eerder moeten doen, want er staan ook herfstverhalen in, maar het prachtige nazomerweer heeft mij, samen met de botten van ons wilgje, lang misleid.)
Meteen ben ik weer in de ban van dit hebbeding dat hoog in mijn Boekenkast der Favorieten staat. Een boek vol verhalen, liedjes en gedichten voor de winter, een mengeling van bekende en minder bekende, maar altijd mooie teksten. De illustraties van Rotraut Susanne Berner zijn adembenemend mooi. Hartverwarmend en grappig tegelijk, een ode aan het donkere seizoen dat zoveel uitnodigt tot licht en warmte én aan de grenzeloze verbeelding. In de prenten van Rotraut Susanne Berner kan álles. Na enkele prenten verlangt heel mijn lichaam naar sneeuw, verkleumde handen en een kop warme chocmelk.
Ik trek Groot Ventje dicht bij mij. Vandaag lezen we 'Kerstkransjes' van Rindert Kromhout, een herkenbaar verhaal over snoepzucht dat hem meteen boeit. Zijn ogen glinsteren bij elk koekje dat Merels pap in zijn mond steekt. Als toetje laat ik nog 'De ruime jas' van Jürg Schubiger volgen, een heerlijk surrealistisch verhaal.
Voorlezen is een feest, met een boek als Sneeuw op de vensterbank. Laat de winter nog maar even duren. De laatste zin van het boek, van Edward van de Vende, laat ik nog even veilig opgeborgen: 'Kom, ik schrijf de lente eens een briefje.'

Geen opmerkingen: