Posts tonen met het label leren lezen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label leren lezen. Alle posts tonen

1.9.07

Oktober in september

1 september. Het schooljaar is nog niet begonnen wegens weekenddag, maar wat al wel begon: Groot Ventjes nieuwe kalender. Een scheurkalender van maan roos vis, die hem, met zijn huidige letter- en lees- en schrijffascinatie, op het lijf is geschreven. Elke dag een letterspelletje, het viel meteen in de smaak. Elke dag één, en slechts één, letterspelletje, dat vond hij al minder -als het aan hem lag was het hier nu al oktober.

30.7.07

Redacteur

Groot Ventje leest het sprookje van de prinses op de erwt. 'Haar haar is vuil,' staat er. De formulering trekt zijn aandacht. 'Haar haar, daar hadden ze toch beter "het haar van het meisje" gezet, hoor.'

5.4.07

Groeiboek

Er zijn mamapapavoorleesboeken, samenleesboeken en zelfleesboeken. Welke er in dit huis gelezen worden, wisselt, afhankelijk van de dag, de stemming, de graad van vermoeidheid of tegendraadsheid, het weer, de gebeurtenissen van de dag. De laatste dagen beleven we veel plezier aan een boek uit de laatste categorie. Mijn eerste sprookjesgroeiboek: ik lees het zelf! van Hilde Vandermeeren is, in die grote vijver van eerstelezersboeken waarvan er vele - begrijpelijk maar toch - het niveau van maakwerk niet ontstijgen, een waar feest voor kinderen die zelf leren lezen. Groot Ventje geniet er elke avond weer van.
Het concept van een groeiboek, dat met de lezer en zijn leesniveau meegroeit, is niet nieuw. Sylvia Vanden Heede verraste er jaren geleden mee, in de vorm van het wondermooie Vos en Haas. Ook dit Sprookjesgroeiboek groeit mee met het leesniveau van het kind, van AVI0 tot AVI5. Per AVI-niveau zijn vier sprookjes bewerkt. In AVI0 zijn het eenvoudige beeldverhalen (zeg maar strips) waarin het verhaal meer door de illustraties dan door de tekst wordt verteld, in AVI5 zijn het volwaardige leesverhalen. Hilde Vandermeeren is er prima in geslaagd de sprookjes te vereenvoudigen zonder de kern ervan geweld aan te doen, en de lezertjes het gevoel te geven dat ze al helemaal zelf een verhaal lezen, zelfs in de verhalen met erg weinig tekst. De ultrakorte zinnetjes, losse woordjes, uitroepen en soms louter klanken vertellen de essentie van het verhaal. In het verhaal van Roodkapje (AVI0) verbergt de wolf zich achter een boom en zegt verlekkerd 'Mmmmmm', in dat van de zeven geitjes, stoten de geitjes bij het zien van de wolf angstige kreten uit. Meer dan twintig verhalen en vier leesniveaus verder ontspint zich zin na zin het verhaal van Doornroosje, met langere zinnen, meer verhaaldetails, moeilijker woorden, subtieler taalgebruik.
Het boek is bovendien prachtig uitgegeven, met op elke pagina mooie illustraties van Rosemarie de Vos, die de tekst perfect aanvullen en die opvallen door hun mooie, originele kleurgebruik en door hun grappige knipoogjes. Een pluim ook voor de vormgeving, door Daniël Peetermans: een mooie, verzorgde uitgave, tot in de kleinste details: het kleurbalkje aan de rand van de bladzijde dat het AVI-niveau aangeeft, het aangename matte, crèmekleurige papier, het Roodkapje-figuurtje dat op elke bladzijde paraat is en langzaam, bijna ongemerkt meegroeit met de lezer. Alleen het leeslintje ontbreekt nog...
Een absolute aanrader!

20.2.07

In de beperking

Eerstelezersboekjes schrijven: het is een ambacht met veel beperkingen. De woorden mogen niet te lang, ze mogen maar een beperkt aantal klanken en lettercombinaties gebruiken, de zinnen mogen niet te lang, en toch moet er ondertussen een verhaal verteld worden. Het is deze boekjes wel eens aan te zien: de zinnetjes klinken gekunsteld, de dialogen raken niet los van het papier, de verhaallijn is povertjes.
Sus en Jum van Joke van Leeuwen daarentegen is een feest om te lezen met Groot Ventje. Kleine Jum kan al lezen. Grote Sus niet: 'ik lees niet. ik kijk. dat gaat ook.' Ze ontmoeten een koe die bie zegt (dus is het geen koe maar een kie), ze doen een dut, Sus wordt ziek en wil lol, dus geven ze een fuif.
Met een minimum aan woorden en dan nog de allereenvoudigste woorden zet Joke van Leeuwen een vrolijk verhaal neer, vol grappige details. Die zitten ook in de tekeningen, die de tekst perfect aanvullen. Maar het bijzonderste vind ik nog dat de humor ook in de taal zelf zit, hoe eenvoudig die ook is. Over een cadeautje, dat viel voor het gegeven werd:
'wat was het?
een vaas.
was het een vaas?
ja. het was een vaas.
maar nu niet meer.'

Een verrassend eerstelezersboekje, ook Mijn Liefste en ik genieten ervan. In de beperking toont zich inderdaad de meester.

20.1.07

Uitroepteken

Ergens zijn wij, ervaren, door de literaire wol geverfde, verstokte lezers, iets kwijtgeraakt.
Een boek kan me zo bekoren dat ik er helemaal in opga, het kan me betoveren, verstillen, verontrusten, het kan me naar adem doen happen, het kan me op mijn lip doen bijten, het kan me in een roes brengen, helemaal van de wereld, of net elk vezeltje in mijn lichaam doen tintelen. Maar doorgaans blijf ik stil.
Groot Ventje spelt letters, plakt ze aaneen tot woordjes, plakt die aaneen tot korte zinnetjes. En dan gebeurt het, soms. 'd-a-a-r daar d-a-s das een d-o-o-s doos. Daar das een doos. O een uitroepteken.' Vervolgens galmt het door de woonkamer: 'Daar das een doos!' Een uitroep zoals uitroepen horen te zijn, luid en krachtig.

12.1.07

En nu

Spectaculair zijn ze niet, de verhaaltjes in Kip Kat Koe van Heidi Smits en Marijke Bouwhuis. Een kip die leert zwemmen, een vis die van een kat een pan cadeau krijgt... om vis in te bakken, een koe die liever voorgelezen wordt dan zelf te lezen... Maar wat een pret, elke avond weer. Mijn Lief of ik leest de klein gedrukte zinnetjes, Groot Ventje buigt zich over de korte, vet en groot gedrukte. Mooie formule, die samenleesboeken. Voorleesplezier wordt samenleesplezier.

Hoe het allemaal begon

Die dag, afgelopen december, toen Groot Ventje, midden in de kerstaankopen, plots riep: 'Maar daar staat "Kassa"!'
Of misschien eerder, die dag, bijna een jaar geleden, toen hij wou weten welke woordjes met een c begonnen, en ik onnadenkend 'Circus en clown' zei. Groot Ventje fronste, dacht even na en zei: 'Maar mama, Circus is met een c, maar clown, dat is met een k hoor.'
Of was het nog eerder, toen hij, even na zijn tweede verjaardag, geïnspireerd door het bord met de bijbehorende magneetjes, overal 'zijn' letter liep te zoeken?
Of begon het toen hij als prille peuter bij mij op schoot kroop met, alweer, een verhaal van Kikker of zijn uitverkoren De maan is weg?
Of daarvoor al, toen hij nog onder mijn hart woonde en elke avond een verhaal van Toon Tellegen voorgelezen kreeg door een warme papastem?

8.1.07

e

Ze mag dan alomtegenwoordig zijn in onze taal, de e is een onverwacht moeilijke letter. Je zegt è als er eentje staat, zoals in met, en é als er twee staan, zoals in zee. Makkelijk toch? Maar in meten staat er ook eentje, en toch is dat é, en een, dat is meestal niet met é, maar met een vreemd dof klankje. Duivelse letter, nu ik ze weer even door kinderogen zie.

18.12.06

Pril

Er broeit al langer iets in het hoofd van Groot Ventje.
Nu komt het er stilaan uit.
Letters, eerst een voor een, dan langzaam na elkaar, en dan als een ware aha-erlebnis, de herkenning.
Een pril begin.