In een literair katern lees ik een recensie van Geluk is onmogelijk. Een nieuw deel in de sowieso zeer aanbevelenswaardige reeks Privé-domein, met... brieven van Flaubert. Ik hap even naar adem. Nog een bundel brieven van Flaubert. Van de vorige bundels heb ik enorm genoten, ik neem ze nog regelmatig uit de kast om hier of daar een passage te herlezen. Een nieuwe bundel brieven van Flaubert, mijn hart klopt sneller... en laat de tijd van de verlanglijstjes nou net gepasseerd zijn.
8.1.07
Geluk is onmogelijk
De andere kant
'Wij waren al eens aan de andere kant van de wereld, hé, mama?' loopt Groot Ventje overtuigd te knikken.
Ik frons vragend mijn wenkbrauwen. Verder dan Italië raken de vliegtuigen waar ik in zit zelden.
'Een andere keer, toen ik pannenkoeken gegeten heb en jij niet,' verduidelijkt hij.
De verste pannenkoeken die ik ooit gegeten heb, waren overheerlijke crêpes met Nutella in het restaurant van een Italiaanse luchthaven.
'En toen we klaar waren, reden we naar het huis van H. Aan de andere kant van de wereld!'
Nog duurt het een tel voor alle puzzelstukjes op hun plaats vallen.
H. is mijn Liefste Vriendin. Ze woont aan de andere kant van de wereld, in het veel te verre Texas, maar met kerst was ze hier. Groot Ventje en ik zijn op een avond iets met haar gaan drinken, en Groot Ventje kreeg er een pannenkoek bovenop. Die avond gaven we H. een lift. Naar het huis van haar ouders. H.'s huis, concludeerde Groot Ventje. Even waren we helemaal naar de andere kant van de wereld gereden.
e
Ze mag dan alomtegenwoordig zijn in onze taal, de e is een onverwacht moeilijke letter. Je zegt è als er eentje staat, zoals in met, en é als er twee staan, zoals in zee. Makkelijk toch? Maar in meten staat er ook eentje, en toch is dat é, en een, dat is meestal niet met é, maar met een vreemd dof klankje. Duivelse letter, nu ik ze weer even door kinderogen zie.
7.1.07
Gekke dingetjes


Vandaag haal ik Wolf van Sara Fanelli uit de kast. Fanelli is me erg lief, ik wil Groot Ventje wel eens van haar laten proeven. Niet zonder schroom trouwens, wat gaat Groot Ventje met zoiets experimenteels doen? Samen lezen we het verhaal, leven we mee met de wolf die maar geen vriendjes vindt en verwonderen ons om wat we allemaal zien. 'Het leukst vind ik al die gekke dingetjes in de tekeningen,' zegt Groot Ventje. Ik glimlach. In welke boekenkast zit Knoop alweer?
Voelen
Lange tijd was Klein Ventje vooral geïnteresseerd in de smaak van boeken. Nu willen zijn ogen en zijn vingertjes ook steeds ook meer. Baby' eerste speel- en voelboek is een favoriet. Felle kleuren, allerlei gaatjes waar vingertjes door gestoken kunnen worden, randjes die afgetast kunnen worden, veel voeldingetjes die de vingertjes eindeloos boeien, en spiegeltjes waarin een lachend gezichtje verschijnt. Leuk, keer op keer weer.
5.1.07
Wiegen
Nog nooit van zijn leven was Edward gewiegd. Abilene had dat nooit gedaan. Nellie ook niet. En Bull al helemaal niet. Het was een wonderlijk gevoel zo teder en tegelijkertijd zo vurig te worden vastgehouden, en met zoveel liefde te worden bekeken. Edward voelde zijn hele porseleinen lijf volstromen met liefde.
(Kate DiCamillo, De wonderbaarlijke reis van Edward Tulane)
Nooit nog zal ik deze zinnen kunnen lezen zoals ik ze pakweg vijf jaar geleden wellicht zou hebben gelezen. Nooit nog zal ik deze zinnen kunnen lezen zonder ook zelf helemaal vol te stromen met het met niets te vergelijken gevoel te wiegen. Wat onder het hart gewoond heeft, kan dat hart als niets anders verwarmen.
Verrukkelijk
Hoe gaat een porseleinen konijn dood?
Kan een porseleinen konijn verdrinken?
Heb ik mijn hoed nog op?
Dat waren de vragen die bij Edward opkwamen toen hij door de lucht vloog, boven de blauwe zee. De zon stond hoog aan de hemel, en Edward hoorde Abilene roepen. Haar stem leek van heel ver weg te komen.
‘Eédwáárd!’ schreeuwde ze, ‘kom terug!’
Kom terug! Bespottelijk om dat te roepen, dacht Edward.
(Kate DiCamillo, De wonderbaarlijke reis van Edward Tulane)
Soms is een boek zo indrukwekkend, laat het je zo ademloos achter dat je meer wilt, meer van dat, meer van die auteur. Despereaux of het verhaal van een muis, een prinses, een schoteltje soep en een klosje garen van Kate DiCamillo was zo'n boek. Overdonderd was ik.
Nu is er De wonderbaarlijke reis van Edward Tulane, de nieuwe DiCamillo. Het boek ziet er prachtig uit, een cover waar een warme gloed van uitgaat, en fijne, klassieke potloodtekeningen die het iets ouderwets, iets nostalgisch geven. Ik begin te lezen, en voor ik het weet, heeft ook dit verhaal me stevig in zijn greep. Helemaal anders dan Despereaux, maar even prachtig, even indrukwekkend.
Edward Tulane, het hoofdpersonage is een porseleinen konijn. IJdel is, en zijn hart is even koud en hard als het materiaal waaruit hij gemaakt wordt. In al zijn arrogantie en liefdeloosheid is hij bepaald onuitstaanbaar. Hij wordt aanbeden door Abilene, het meisje van wie hij de knuffel is, een adoratie die hij zich graag laat welgevallen. Maar plots valt hij zomaar ineens uit zijn kleine paradijs. Weg is Abilene, weg is haar liefde, weg haar aanbidding.
Voor het harteloze konijn begint een lange, lange reis, die hem van eigenaar naar eigenaar brengt. Elke keer wordt er van hem gehouden, elke keer moet hij de mensen die hem liefhebben weer achterlaten. Het zijn lessen in afscheid nemen, maar meer nog in voelen. Liefde voelen. Beetje bij beetje dringt het tot Edward door dat je ook met een hart van porselein kunt leren wat liefde is.
Een klassiek verhaal? Zonder meer! Een kinderboek met een boodschap? Zonder enige twijfel! Een ouderwets aandoend verhaal dat wel gemaakt voor dit donkere seizoen waarin liefde en goedheid het altijd wel goed doen? Zeker weten! Maar zo mooi, zo verrukkelijk mooi. Dat komt door het immense verteltalent van Kate DiCamillo, dat net zoals bij Despereaux bijna van de pagina's spat. Anders dan in haar barokke muizenverhaal doet ze dat heel sober, heel ingehouden, en toch meeslepend. Geen woord staat er te veel, maar wat er staat, drijft je verder.
De wonderbaarlijke reis van Edward Tulane, met zijn eerst zo onuitstaanbare verwende, maar dan zo aandoenlijke konijn, heeft zich al meteen een weg naar mijn hart gebaand. Van een zeldzame schoonheid is het, en ik kan haast niet wachten op de winteravonden waarop ik dit kan voorlezen aan Klein en Groot Ventje.
3.1.07
Winters voorlezen
Nu het wintert, haal ik Sneeuw op de vensterbank uit het rek.
(Dat had ik al veel eerder moeten doen, want er staan ook herfstverhalen in, maar het prachtige nazomerweer heeft mij, samen met de botten van ons wilgje, lang misleid.)
Meteen ben ik weer in de ban van dit hebbeding dat hoog in mijn Boekenkast der Favorieten staat. Een boek vol verhalen, liedjes en gedichten voor de winter, een mengeling van bekende en minder bekende, maar altijd mooie teksten. De illustraties van Rotraut Susanne Berner zijn adembenemend mooi. Hartverwarmend en grappig tegelijk, een ode aan het donkere seizoen dat zoveel uitnodigt tot licht en warmte én aan de grenzeloze verbeelding. In de prenten van Rotraut Susanne Berner kan álles. Na enkele prenten verlangt heel mijn lichaam naar sneeuw, verkleumde handen en een kop warme chocmelk.
Ik trek Groot Ventje dicht bij mij. Vandaag lezen we 'Kerstkransjes' van Rindert Kromhout, een herkenbaar verhaal over snoepzucht dat hem meteen boeit. Zijn ogen glinsteren bij elk koekje dat Merels pap in zijn mond steekt. Als toetje laat ik nog 'De ruime jas' van Jürg Schubiger volgen, een heerlijk surrealistisch verhaal.
Voorlezen is een feest, met een boek als Sneeuw op de vensterbank. Laat de winter nog maar even duren. De laatste zin van het boek, van Edward van de Vende, laat ik nog even veilig opgeborgen: 'Kom, ik schrijf de lente eens een briefje.'
2.1.07
Koekjes
Slaap
Er zijn momenten dat ik, niet de minste beweging opmerkend bij slapend Klein Ventje, speur naar een trillinkje van zijn neusvleugels of een zuchtje adem over zijn lippen, en uiteindelijk mijn hand behoedzaam op zijn borstkas leg. Er zijn momenten dat ik, voor het slapengaan, de kamer van Groot Ventje in loop en met met mijn hand zachtjes over zijn haren streel.
Nu wacht ik op het telefoontje dat ze wakker is, mijn mama.
Nieuwjaarsdiner
Marcel Proust en Charlotte Gainsbourg mogen aanschuiven aan Alain de Bottons feesttafel: My fantasy New Year's Eve: No 1. Wie zou er aan de mijne mogen? Proust, Oscar Wilde en Truman Capote voor een rondje roddel mét wit, David Bowie ernaast die om het even wat mag vertellen als het maar met die magnifieke stem van hem is, en Virginia Woolf en Jeanette Winterson voor de vrouwelijke noot? En Nigella Lawson, op voorwaarde dat ze ons niet alleen op haar aangename verschijning maar ook op Veel Lekkers vergast.
Mama
Wachten duurt lang als een geliefde onder het mes moet.
Ik probeer me op mijn tekst te concentreren, maar mijn ogen glijden voortdurend in de richting van de telefoon.
31.12.06
2007
Dag 2006
Welkom: Klein Ventje - Afscheid: Opa - Boeken: This Is All van Aidan Chambers, Ons derde lichaam van Edward van de Vendel, Schijnbewegingen van Floortje Zwigtman - Verveling: drie maanden liggen wachten - Ontdekking: bloggen - Plek: ons bed, op een zondagochtend, groot genoeg voor vier - Heimwee: Toscane, Amsterdam, Parijs - Muziek: Barbara, Bach, Indochine - Lekker: de zoete, warme geur van een nieuw mensje - Confronterend: Van oude mensen, de dingen die voorbijgaan - Mooi: het licht van de avondzon op de bakstenen muur van ons huis - Heuglijk: de warmte van vriendschappen - Ontzetting: Brussel 12.04, Antwerpen, 11.05 - Ook lekker: mascarpone met in aceto balsamico gemarineerde aardbeien, de cake van kraamhulp E. - Wonder: alles in het klein
27.12.06
Merci
Oma maakt een pakje open. Een doos vol chocolaatjes. Groot Ventje leest: 'M-èèè-r-c-i. Dat is Engels om dankjewel te zeggen.'
23.12.06
Gouden randje
Vrijdagen hebben op de school van Groot Ventje altijd een feestelijk tintje. Dan wordt de dag - en de week - afgesloten in de monumentale hal, alle kinderen in een wijde kring, en elke klas brengt een liedje. Daarna stormt iedereen het weekend in.
Gisteren was het extra feestelijk. Extra veel ouders, aan elke klasdeur een feestelijk gedekte tafel, door de kleuters versierde kerstbomen, kaarsjes. De klassen zongen hun liedjes, en enkele kinderen haalden hun instrument tevoorschijn. Zeven-, acht-, negenjarigen die op hun cello, viool, piano kerstmuziek speelden: de hall hield zijn adem in. En daarna warme chocomelk en cake - koekjestaart die ze zelf gemaakt hadden voor de kleuters - aan de feestelijke tafels, en wensen die alle kanten op vlogen. Honderden wensen gingen ook, aan witte ballonnen, de lucht in, een kleine bijdrage aan Music for Life.
Na zoveel warms en moois repten Groot Ventje en ik ons naar de andere kant van Leuven. Afspraak met mijn Liefste Vriendin, die enkele jaren aan de andere kant van de wereld woont, maar met man en klein ventje hier komt feesten. Het weerzien was, als altijd, warm. Terwijl Groot Ventje wachtte op de Pannenkoek Die Maar Niet Kwam, babbelden wij bij, over de kinderen, de kinderziektes, de groeicurven, de eerste stapjes en de kleuterklas, het werk, de plannen, de mannen, de moeders en schoonmoeders. Vanbinnen werd ik een en al glimlach.
Sommige dagen hebben écht een gouden randje.
19.12.06
Gebrabbel
Brabbelen, daar deed Groot Ventje niet aan mee. Tot de eerste woordjes kwamen heerste de Grote Stilte.
Klein Ventje laat de klanken uit zijn mond rollen als waren het zijn favoriete stukken speelgoed. Ik word er vrolijk van, en met elk klankje word ik verliefder.
18.12.06
Pril
Er broeit al langer iets in het hoofd van Groot Ventje.
Nu komt het er stilaan uit.
Letters, eerst een voor een, dan langzaam na elkaar, en dan als een ware aha-erlebnis, de herkenning.
Een pril begin.
15.12.06
Kerstmarkt
Kerstmarkt met zijn tweetjes, dat is een eerste keer halt houden bij een snoepkraam, verlangend staan kijken naar de chocolaatjes en niet kunnen kiezen welke vijf er in het zakje mogen.
Dat is van op een afstandje naar de kerstman in zijn houten huisje kijken, maar toch niet dichterbij willen.
Dat is veel gekriebel in de handjes en weinig aanraakbaars.
Dat is in een verwarmde tent een reuzenpannenkoek eten en kijken hoe het buiten snel donkert en de lichtjes van het plein een feest maken.
Dat is onze handen in elkaar slaan om ze aan elkaar te warmen.
Dat is een zoet koekje proeven en een veel te pikant sausje.
Dat is plots zeggen: en nu wil ik naar huis.
Ker(st)mis
Terwijl ik naar de school rijd, bedenk ik: vanavond is het Mama-en-Groot-Ventje-tijd, dat was alweer veel te lang geleden. Tijd voor ons tweetjes.
Als we even later uit de parkeergarage de winterkou in stappen, het grote plein in het hart van de stad op, zegt Groot Ventje: 'Hier was het een andere keer kermis, he mama?'
Ik knik.
Hij straalt: 'En nu is het hier kerstmis.'
13.12.06
Uitkijktijd
December is afteltijd, elke ochtend mag Groot Ventje een deurtje openmaken van de adventkalender. Het is ook uitkijktijd: elke ochtend wiebelen zijn voetjes en flapperen zijn handjes van opwinding en ongeduld, wat zal de verrassing van de dag zijn?
Ook ik maak elke dag een deurtje open. Dat van de blog van Villakelbont. Ik kijk reikhalzend uit naar nieuwe tekeningen van Sebastiaan van Doninck. Niet elke dag zit er iets nieuws achter het deurtje, dan kijk ik gewoon weer even naar zijn Pinocchio's en Alices, en is de dag weer mooi begonnen.
11.12.06
Vooruit
Achteruitkruipend was de wereld van Klein Ventje al een woonkamer groot. Maar het is een uitgemaakte zaak: vooruit gaat sneller, en met die beweging hebben ook de concepten doelgerichtheid en koppigheid hun plaats stevig verankerd in het bestaan van Klein Ventje. Streng opgeheven vingers, al even streng uitgesproken neens, gejammer van Groot Ventje die zijn speelgoed bedreigd ziet, kussenbarricades: niets houdt Klein Ventje nog tegen in zijn gestage tocht naar zijn doel.
Pointe
Al heel lang staat Mijn tuin, mijn tuin in mijn boekenkast. Jaren geleden gekocht, gelezen, gekoesterd. Nu haal ik het boek uit de kast en lees het met Groot Ventje. Ik geniet weer. Wat bijzonder is, behoudt zijn glans. Ook Groot Ventje lijkt ervan te houden. Nu al enkele avonden lees en herlees ik de geestige tekst van Ted van Lieshout, terwijl we naar de prenten van Daan Remmerts de Vries kijken. Als ik, nieuwsgierig naar hoe dit boek in zijn hoofd leeft, Groot Ventje vraag waarover het gaat, antwoordt hij: 'Voor het kindje is de tafel in de tuin een tafeltje, maar voor de poes is dat een dak want zij kruipt eronder.'
21.11.06
'Mama, wil je dat boekje over dat zusje nog eens voorlezen?' vraagt Groot Ventje.
'Over welk zusje?' vraag ik, nog half met mijn gedachten bij het menu van die avond.
'Dat boekje over dat zusje dat kwijt is.'
Hij heeft het over Heb je mijn zusje gezien?, het nieuwste boek van Joke van Leeuwen. Ik glimlach, vind het fijn dat hij zelf opnieuw naar dit boek vraagt. Het is een speels, humoristisch peuterboek waarin een jongetje op zoek is naar zijn zus. Aan iedereen die zijn pad kruist, vraagt hij of die zijn zusje heeft gezien. Hij somt steeds meer kenmerken op van zijn zusje. Er verschijnen spannende personages maar zijn zus zit er niet bij. Groot Ventje gaat helemaal op in het stapelverhaal, en vult de opsommingen zelf aan. Heerlijk voor mama en ventje.
20.11.06
Voorleesweek
Zaterdag werd, met een persconferentie in de Ziekenhuisschool van Gasthuisberg, de Voorleesweek geopend. De directeur van de Ziekenhuisschool beklemtoonde het belang van voorlezen, ook in een omgeving waar de prioriteiten om redenen van levensbelang elders lijken te liggen, de boekenjuf kwam over enkele projecten vertellen, de minister las voor uit Tellegen, Majo de Saedeleer van Stichting Lezen was haar gebruikelijke zelve, een en al warme, inspirerende boekenliefde. Eén uitspraak van haar haakte zich in mijn hoofd vast: 'Ik bedank onze partner Kind en Gezin, die de Voorleeskrant mee bij de ouders helpt te brengen, en daar ben ik erg blij om, dat het bij Kind en Gezin niet alleen gaat om gezondheid en spuitjes maar ook om de geestelijke gezondheid van onze kinderen.'
Bij zoveel moois nam ik het er maar bij dat Bert Anciaux Majo een middag lang Maja noemde, en sloot ik de oren voor zijn uitschuiver: 'Ik zal er nog eentje voorlezen - om het af te leren.'

